Bandonderhoud

Het belang van de bandenspanning

De optimale luchtdruk in de band moet behouden blijven om de veiligheid, de rijeigenschappen, de levensduur van de band en de laagst mogelijke brandstofkosten te kunnen realiseren.

Het is bekend dat banden elke maand wel 0,7 bar aan druk kunnen verliezen. Derhalve is het belangrijk om de bandenspanning van alle banden ten minste eenmaal per maand, of voordat u aan een langere reis begint, te controleren.

Aanbevolen interval

De bandenspanning moet ten minste één keer per maand en vóór elke langeafstandsreis worden gecontroleerd.

Bandenspanning en levensduur van de band  Hankook Tire nl - Bandonderhoud
Bandenspanning en levensduur van de band

Bandspanningsstatus

Low air pressure: It causes the contact patch width to increase, which results in excessive force on the either edge of the tread. Outer abrasion can damage each part of the tire. It also contributes to an increased slope of the sidewall compared to that of optimum air pressure, which can be dangerous.

Hoge luchtdruk: Door de opgepompte vorm van de band, zoals bij een ballon, is de kracht geconcentreerd in het midden. De resulterende ongelijkmatige kracht over het contactvlak veroorzaakt onregelmatige loopvlakslijtage.

Controle voor een optimale bandenspanning

Portier van bestuurder Hankook Tire nl - Bandonderhoud
Portier van bestuurder

Hankook adviseert om de bandenspanning eenmaal per maand te controleren.

De aanbevolen bandenspanning voor uw band staat vermeld aan de binnenkant van het portier aan de bestuurderszijde, aan de binnenkant van de tankdop of in het instructieboekje van de auto (de sticker kan afhankelijk van het desbetreffende land op een andere plaats zitten).

De maximale bandenspanning staat op de zijwand van de band vermeld. Zorg dat de aangegeven bandenspanning niet overschreden wordt.

Bandenspanning controleren

Koop een gecertificeerde bandenspanningsmeter of ga voor een controle met uw auto naar het dichtstbijzijnde servicecentrum (of benzinestation).

De banden moeten in “koude” toestand worden gecontroleerd (tenminste 3 uur na de laatste rit).

Plaats de meter op het ventiel.

Vergelijk de gemeten bandenspanning met de spanning die aan de binnenkant van het portier is aangegeven.

Wanneer de gemeten spanning hoger is, moet via het ventiel lucht uit de band worden gelaten tot de waarde overeenkomt met de spanning die aan de binnenkant van het portier is aangegeven.

Wanneer de gemeten spanning lager is, moet via het ventiel meer lucht in de band worden gepompt tot de waarde overeenkomt met de spanning die aan de binnenkant van het portier is aangegeven.

open quick menu
Top